AutoCAD Bewerkcommando’s: 16 Essentiële Modify-Functies Uitgelegd

Wil je snel leren werken met de bewerkcommando’s in AutoCAD? In deze gratis handleiding krijg je een compleet overzicht van de 16 meest gebruikte modify-commando’s: van kopiëren en spiegelen tot trimmen, offsetten en samenvoegen. Per commando leggen we de werking, sneltoets en alle opties uit. Ideaal voor AutoCAD-beginners en iedereen die hun tekenworkflow wil versnellen. Geen cursus nodig, je kunt dit meteen zelf toepassen.

In onze AutoCAD 2D Basis opleiding leer je deze commando’s efficiënt gebruiken met shortcuts en best practices.

✓ Gratis AutoCAD tip  •  Geen cursus vereist  •  Direct toepasbaar

Voor wie dit is: Deze handleiding is geschikt voor iedereen die de basis modify-commando’s in AutoCAD wil leren of opfrissen. Elementaire AutoCAD-kennis (lijnen tekenen) is voldoende. Tijdsduur: 20-30 minuten om alle commando’s door te nemen.

Wil je alle bewerkcommando’s professioneel leren toepassen met oefeningen? Ontdek onze Cursus AutoCAD 2D Basis of Cursus AutoCAD 2D Gevorderd.

Wat zijn de Belangrijkste AutoCAD Bewerkcommando’s?

De meest gebruikte AutoCAD bewerkcommando’s zijn: ERASE (E) gummen, COPY (CO) kopiëren, MIRROR (MI) spiegelen, OFFSET (O) parallelle kopie, MOVE (M) verplaatsen, ROTATE (RO) draaien, SCALE (SC) verschalen, TRIM (TR) inkorten, EXTEND (EX) verlengen, FILLET (F) afronden en JOIN (J) samenvoegen. Elk commando heeft een korte sneltoets die je tekeningsnelheid sterk verhoogt.

Hieronder vind je elk commando uitgebreid uitgelegd met alle opties.

 

📌 Belangrijkste Punten

•       AutoCAD heeft 16+ modify-commando’s, elk met een korte sneltoets (E, CO, MI, O, M, RO, SC…)

•       Selecteer eerst de geometrie, dan rechtermuisklik — zo bevestig je de selectie en ga je naar de opties

•       TRIM (TR) en EXTEND (EX) werken omgekeerd: eerst de grenzende lijn selecteren, dan de te knippen lijn

•       OFFSET (O) maakt een parallelle kopie op een vaste afstand — onmisbaar voor wanden, contouren en profielen

•       JOIN (J) voegt twee lijnen samen tot één — voorwaarde is dat ze in elkaars verlengde liggen

•       FILLET (F) en CHAMFER (CHA) met afstand 0 verlengen twee lijnen tot hun snijpunt

Moeilijkheidsgraad: Basis (ideaal als eerste stap na tekencommando’s)

Vereiste AutoCAD versie: Alle versies (AutoCAD 2010 en nieuwer)

Verwante pagina: Basis tekencommando’s (LINE, CIRCLE, ARC, RECTANGLE, POLYGON)

 

Veelgestelde Vragen

Hoe kopieer je objecten in AutoCAD?

Gebruik het commando COPY (sneltoets CO). Selecteer de geometrie die je wil kopiëren en klik rechts om de selectie te bevestigen. Kies een startpunt (basispunt) en klik daarna het punt aan waar de kopie moet komen. Herhaal voor meerdere kopieën. Klik rechts of druk Escape om te stoppen. Gebruik optie D om een exacte afstand in X, Y en Z op te geven.

Gebruik het commando JOIN (sneltoets J). Klik de twee of meer lijnen aan die je wil samenvoegen. Voorwaarde is dat de lijnen op dezelfde as liggen dus in elkaars verlengde of voor polylines en bogen mogen er tussenafstanden zijn. Kijk in de commandogeschiedenis onderaan of de samenvoeging geslaagd is. Lukt het niet, controleer dan of de lijnen werkelijk collineair zijn.

Gebruik het commando TRIM (sneltoets TR). In nieuwere AutoCAD-versies (2021+) hoef je geen grenzende lijn eerst te selecteren: klik direct de lijnstukken aan die je wil verwijderen. In oudere versies selecteer je eerst de grenzende lijn (rechtermuisklik om alle lijnen als grens te selecteren), daarna klik je de te knippen stukken aan. Rechtermuisklik om te stoppen.

1. Objecten Verwijderen en Selecteren

1. Gummen — ERASE (E)

Met ERASE verwijder je geometrie uit de tekening. Selecteer de objecten die je wil wissen en klik rechts om te bevestigen. Gebruik Ctrl+Z om een vergissing ongedaan te maken.

Selectiemethoden:

•       Window-selectie: teken van linksboven naar rechtsonder. Selecteert alleen objecten die volledig binnen het kader vallen.

•       Crossing-selectie: teken van rechtsboven naar linksonder. Selecteert alle objecten die het kader raken of er volledig in liggen.

2. Kopiëren, Verplaatsen en Spiegelen

2. Kopiëren — COPY (CO)

Met COPY maak je een of meerdere kopieën van geselecteerde objecten zonder het origineel te wijzigen. Selecteer de geometrie, klik rechts, kies een basispunt en klik het doelpunt aan. Klik opnieuw voor extra kopieën. Rechtermuisklik om te stoppen.

Optie D: Geef een exacte verplaatsingsafstand op in X, Y en Z in plaats van een punt aan te klikken.

3. Spiegelen — MIRROR (MI)

Met MIRROR spiegelkopieer je geometrie ten opzichte van een zelf gekozen spiegellijn. Selecteer de geometrie, klik rechts, kies twee punten op de spiegellijn, en kies dan of je het origineel behoudt of verwijdert.

Optie YES/NO na spiegeling: Typ N om het origineel te behouden (meest gebruikt). Typ Y om het origineel te verwijderen en enkel de spiegeling te bewaren.

5. Verplaatsen — MOVE (M)

Met MOVE verplaats je geometrie van de ene positie naar de andere. Werkt identiek aan COPY, maar het origineel verdwijnt van zijn oorspronkelijke locatie. Selecteer, rechtermuisklik, kies basispunt, kies doelpunt.

Optie D: Geef een exacte verplaatsingsafstand op in X, Y en Z.

3. Schalen, Draaien en Uitrekken

6. Draaien — ROTATE (RO)

Met ROTATE draai je geometrie rond een door jou gekozen middelpunt. Selecteer de geometrie, klik rechts, kies het rotatiepunt en geef de hoek op in graden (positief = tegen de klok in, negatief = met de klok mee).

Optie C: Maak een gedraaide kopie en behoud het origineel op zijn plaats.

Optie R: Gebruik een referentielijn als hoekbasis in plaats van een getal in te typen.

7. Verschalen — SCALE (SC)

Met SCALE vergroot of verklein je geometrie met een schaalfactor. Selecteer, klik rechts, kies het schaalpunt en geef de factor op (1.5 = 50% groter, 0.5 = 50% kleiner). Je kunt ook andere geometrie als referentie gebruiken om exact te schalen.

Optie C: Maak een verschaalde kopie en behoud het origineel.

Optie R: Gebruik referentiegeometrie om de schaalfactor automatisch te laten berekenen.

8. Uitrekken — STRETCH (S)

Met STRETCH vergroot of verklein je geometrie in één richting. Gebruik altijd een crossing-selectie om de te strekken uiteinden te selecteren. Kies daarna een basispunt en een richtingspunt.

Belangrijk: STRETCH werkt alleen correct met een crossing-selectie (van rechtsboven naar linksonder). Een window-selectie verplaatst het object volledig.

4. Parallelle Kopiëren — OFFSET

4. Tussenafstand — OFFSET (O)

Met OFFSET maak je een parallelle kopie van een lijn, boog, polyline of cirkel op een vaste afstand. Dit is een van de meest gebruikte commando’s in AutoCAD voor het tekenen van wanden, contouren, paden en profielen.

  1. Typ O en druk Enter.
  2. Geef de gewenste tussenafstand op (bijv. 200 voor 200 mm).
  3. Klik de lijn aan die je wil offsetten.
  4. Klik aan de kant waar de kopie moet komen.
  5. Herhaal voor andere objecten. Druk Escape om te stoppen.

 

Optie T (Through): Kies een punt waar de offsetkopie doorheen moet lopen in plaats van een vaste afstand op te geven.

Optie E (Erase): Verwijder het origineel na het offsetten.

Optie L (Layer): Kies of de offsetkopie op de bronlaag of de actieve laag geplaatst wordt.

Optie M (Multiple): Maak meerdere parallelle kopieën na elkaar met dezelfde afstand.

5. Inkorten en Verlengen — TRIM en EXTEND

9. Inkorten — TRIM (TR)

Met TRIM knip je lijnstukken af tot aan een snijlijn. In AutoCAD 2021 en nieuwer kun je direct klikken op de te verwijderen stukken zonder eerst een grenzende lijn te selecteren.

Werkwijze in AutoCAD 2021+: Typ TR, druk Enter, klik direct op de lijnstukken die je wil verwijderen. Rechtermuisklik om te stoppen.

Werkwijze in oudere versies: Typ TR, druk Enter, selecteer de grenzende lijn(en), druk rechts, klik daarna de te knippen stukken aan.

Sneltruc: rechtermuisklik als eerste punt selecteert alle geometrie als grens — je kunt dan alles trimmen zonder handmatige selectie.

Optie F (Fence): Teken een snijlijn over meerdere lijnen heen om ze allemaal in één beweging te knippen.

Optie C (Crossing): Gebruik een selectievenster om alles erin te trimmen.

10. Verlengen — EXTEND (EX)

Met EXTEND verleng je een lijn tot aan een grenzende lijn of object. Werkt spiegelbeeldig aan TRIM. In AutoCAD 2021+ kun je direct klikken op de te verlengen lijneinden.

Tip: Houd Shift ingedrukt tijdens het werken met TRIM om tijdelijk over te schakelen naar EXTEND, en omgekeerd. Dit bespaart veel tijd.

6. Lijnen Splitsen en Samenvoegen

11. Splitsen op punt — BREAK (BR) op punt

Met BREAK splits je een lijn op een enkel punt, zonder materiaal te verwijderen. De lijn blijft visueel intact maar bestaat nu uit twee losse segmenten. Selecteer de lijn, klik rechts, klik het splitspunt aan.

Tip: Kies je een punt buiten de lijn, dan splitst AutoCAD op het loodrechte punt op de lijn.

12. Breken — BREAK (BR) stuk verwijderen

Met BREAK verwijder je een stuk lijn tussen twee gekozen punten. Klik het eerste breekpunt aan, klik daarna het tweede punt — het stuk ertussen wordt verwijderd.

13. Samenvoegen — JOIN (J)

Met JOIN voeg je twee of meer lijnstukken samen tot één lijn. Ideaal na BREAK of bij geïmporteerde geometrie met losse segmenten. Klik de lijnen aan die je wil samenvoegen en druk Enter.

Vereiste: Lijnen moeten collineair zijn — op dezelfde as liggen. Voor polylines en bogen mogen er tussenafstanden zijn. Kijk in de commandogeschiedenis of de samenvoeging geslaagd is.

7. Afschuinen en Afronden — CHAMFER en FILLET

14. Afschuinen — CHAMFER (CHA)

Met CHAMFER maak je een rechte afschuining tussen twee lijnen. Stel de afschuiningsafstanden in via optie D, klik daarna de twee lijnen aan. De volgorde van aanklikken bepaalt welke kant de afstand D1 krijgt.

Optie D (Distance): Geef de lengte van zijde 1 en zijde 2 op. Gebruik gelijke waarden voor een 45°-afschuining.

Optie A (Angle): Geef een lengte en een hoek op. AutoCAD berekent de tweede afstand automatisch.

Optie P (Polyline): Schuint alle hoeken van een rechthoek of polyline in één keer af.

Afstand = 0: Verlengt de twee lijnen tot hun snijpunt — ideaal om open hoeken te sluiten.

15. Afronden — FILLET (F)

Met FILLET maak je een afgeronde overgang tussen twee lijnen met een door jou gekozen straal. Stel de radius in via optie R, klik daarna de twee lijnen aan.

Optie R (Radius): Stel de afrondingsstraal in. R=0 sluit lijnen tot hun snijpunt zonder afronding.

Optie P (Polyline): Rondt alle hoeken van een rechthoek of polyline in één keer af.

Optie M (Multiple): Maak meerdere afgeronde hoeken achter elkaar zonder het commando opnieuw te starten.

8. Opblazen — EXPLODE (X)

16. Opblazen — EXPLODE (X)

Met EXPLODE breek je samengestelde objecten op in hun afzonderlijke bestanddelen. Selecteer het blok, de polyline, de afmeting of een ander samengesteld object en activeer EXPLODE.

Toepassingen:

•       Blok opblazen: een ingevoegd blok wordt opgesplitst in losse lijnen, bogen en teksten

•       Polyline opblazen: een polyline wordt gesplitst in losse lijnsegmenten

•       Afmeting opblazen: een maataanduiding wordt losse lijnen, pijlen en tekst

Opgelet: Na EXPLODE gaan blokattributen, laagkoppelingen en andere intelligente eigenschappen verloren. Gebruik EXPLODE alleen als je de bewerkbaarheid van de losse lijnen nodig hebt.

Overzichtstabel: Alle Sneltoetsen op een Rij

Gebruik deze tabel als snelle referentie. Bewaar hem naast je scherm tot je de sneltoetsen uit het hoofd kent.

 

Sneltoets

Commando

Functie

E

ERASE

Geometrie verwijderen

CO

COPY

Geometrie kopiëren (meerdere kopieën mogelijk)

MI

MIRROR

Spiegelkopie ten opzichte van een as

O

OFFSET

Parallelle kopie op vaste afstand

M

MOVE

Geometrie verplaatsen

RO

ROTATE

Geometrie draaien rond een punt

SC

SCALE

Geometrie vergr./verkl. met factor

S

STRETCH

Geometrie uitrekken in één richting

TR

TRIM

Lijnstukken inkorten tot snijpunt

EX

EXTEND

Lijnen verlengen tot grenzend object

BR

BREAK

Lijn splitsen of stuk verwijderen

J

JOIN

Losse lijnen samenvoegen

CHA

CHAMFER

Rechte afschuining tussen twee lijnen

F

FILLET

Afgeronde overgang tussen twee lijnen

X

EXPLODE

Blok/polyline opbreken in losse delen

Praktijkvoorbeelden: Welke Commando’s Gebruik je Wanneer?

Bewerkcommando’s zijn onmisbaar in elke tekenomgeving. Dit zijn de meest voorkomende situaties:

Voor architecten en bouwontwerpers:

  • OFFSET voor wanden, vloerdikte en raamdorpels — parallelle lijnen op vaste afstand
  • TRIM en EXTEND voor het netjes sluiten van hoeken en snijpunten
  • MIRROR voor symmetrische gevels, plattegronden en meubelopstellingen
  • COPY voor herhalende elementen zoals ramen, treden of kolommen

Voor ingenieus en constructeurs:

  • SCALE (met R-optie) om geïmporteerde details op de juiste schaal te brengen
  • ROTATE voor het uitlijnen van ingevoegde blokken op diagonale constructies
  • FILLET (R=0) om open hoeken te sluiten bij constructietekeningen
  • EXPLODE om blokken te bewerken die op een andere schaal ingevoegd zijn

Voor installatietechnici:

  • OFFSET voor leidingen, kabelgoten en buizentrajecten op vaste tussenafstand
  • TRIM voor het netjes afsnijden van leidingen op wanden of vloeren
  • COPY en ROTATE voor herhalende installatie-onderdelen in verschillende richtingen
  • STRETCH voor het aanpassen van leidinglengtes bij gewijzigde bouwmaten

Voor landmeters en infra-ontwerpers:

  • JOIN om gebroken polylines na import samen te voegen tot doorgaande lijnstukken
  • BREAK om rijlijnen of contouren op exacte punten te splitsen
  • OFFSET voor rijstrookbreedte, voetpaden en groenzones
  • SCALE met referentie om ingescande plannen op de juiste schaal te zetten

Voor iedereen:

  • COPY met optie D voor exact positioneren op een opgegeven afstand
  • CHAMFER en FILLET (D=0 / R=0) om snel open hoeken te sluiten
  • STRETCH voor het aanpassen van tekeningen bij maatwijzigingen zonder opnieuw te tekenen
  • EXPLODE spaarzaam gebruiken — enkel als je losse elementen nodig hebt

Tip: Leer eerst de 6 meest gebruikte commando’s: COPY, MOVE, OFFSET, TRIM, EXTEND en MIRROR. Deze 6 staan in voor 80% van je dagelijks bewerkwerk in AutoCAD.

Veelgestelde Vragen over AutoCAD Bewerkcommando’s

Hoe kopieer en plak je in AutoCAD?

Gebruik voor kopiëren binnen dezelfde tekening het commando COPY (CO). Voor kopiëren tussen tekeningen gebruik je Ctrl+C (kopiëren) en Ctrl+V (plakken) of Ctrl+Shift+V (plakken als blok). Met het commando COPYCLIP kopieer je objecten naar het klembord met behoud van hun exacte coördinaten voor nauwkeurig overbrengen tussen tekeningen.

Hoe draai je een object in AutoCAD?

Gebruik het commando ROTATE (sneltoets RO). Selecteer het object, klik rechts, kies het rotatiepunt en geef de hoek op. Positieve hoeken draaien tegen de klok in, negatieve hoeken met de klok mee. Met optie C maak je een gedraaide kopie en behoud je het origineel. Met optie R gebruik je een bestaande lijn als referentiehoek.

Hoe verschaal je een object in AutoCAD met referentie?

Typ SC (SCALE), selecteer het object, klik rechts, kies het schaalpunt. Typ R voor de referentieoptie. Klik het begin- en eindpunt van de referentielengte aan op je object, typ daarna de werkelijke doelmaat. AutoCAD berekent en past de schaalfactor automatisch toe. Dit is ideaal voor ingescande plannen of geïmporteerde tekeningen.

Wat is het verschil tussen TRIM en BREAK in AutoCAD?

TRIM verwijdert een lijnstuk tot aan een snijpunt met een andere lijn. Je hebt dus een grenzend object nodig. BREAK verwijdert een stuk lijn tussen twee door jou gekozen punten, ongeacht of er andere lijnen in de buurt zijn. Gebruik TRIM voor het netjes afwerken van hoeken en snijpunten, en BREAK voor het verwijderen van een vrij gekozen stuk lijn.

Geavanceerde Technieken met Bewerkcommando’s

Voor ervaren AutoCAD-gebruikers zijn er nog krachtigere mogelijkheden:

TRIM en EXTEND tegelijk gebruiken met Shift

Houd tijdens het werken met TRIM de Shift-toets ingedrukt om tijdelijk over te schakelen naar EXTEND. Omgekeerd werkt dit ook: tijdens EXTEND schakel je met Shift naar TRIM. Zo werk je veel sneller door niet telkens van commando te moeten wisselen.

Voordeel:

50% tijdwinst bij het netjes afwerken van constructietekeningen met veel snijpunten.

Use case:

Ramen en deuren inkorten in geveltekeningen, leidingen netjes afsluiten op wanden.

OFFSET met Laagoptie voor Gestructureerde Tekeningen

Gebruik de L-optie (Layer) bij OFFSET om de kopie automatisch op de actieve laag te plaatsen in plaats van op de bronlaag. Combineer dit met het van tevoren activeren van de doellaag.

Voordeel:

Offsetkopieën komen direct op de juiste laag terecht zonder achteraf te moeten sorteren.

Use case:

Wanden offset naar grenslaag, leidingen offset naar installatiediagramlaag.

MIRROR voor Tekst met MIRRTEXT-variabele

Standaard spiegelt AutoCAD ook tekst mee bij MIRROR. Dat geeft spiegelschrift. Stel de systeemvariabele MIRRTEXT in op 0 om tekst leesbaar te houden na spiegeling.

Techniek:

Typ MIRRTEXT in de commandoregel en druk Enter. Stel de waarde in op 0 (tekst blijft leesbaar) of 1 (tekst wordt ook gespiegeld). De instelling wordt opgeslagen in de tekening.

Use case:

Symmetrische plattegronden en gevels waarbij titels en maataanduidingen leesbaar moeten blijven.

Wil je deze geavanceerde technieken leren? In onze Cursus AutoCAD 2D Gevorderd behandelen we alle bewerkcommando’s in combinatie met efficiency-technieken en AutoCAD-automatisering.

Veelgemaakte Fouten en Hoe Je Ze Voorkomt

Fout 1: Verkeerde selectiemethode bij STRETCH

Probleem:

Je gebruikt STRETCH maar het object verplaatst volledig in plaats van uit te rekken.

Gevolg:

Het object staat op een andere positie maar heeft niet de gewenste vorm veranderd.

Oplossing:

STRETCH vereist een crossing-selectie (van rechtsboven naar linksonder). Selecteer enkel de uiteinden die je wil uitrekken, niet het volledige object. Punten die volledig buiten de selectie vallen, blijven op hun plaats.

Fout 2: TRIM werkt niet op alle lijnen

Probleem:

Je probeert te trimmen maar sommige lijnen reageren niet op het commando.

Gevolg:

Lijnstukken blijven staan terwijl je ze wil verwijderen.

Oplossing:

Controleer of de lijnen werkelijk snijden — ze moeten in hetzelfde vlak liggen (zelfde Z-hoogte). Gebruik rechtermuisklik als eerste selectiepunt om alle geometrie als grenzend element te selecteren. In oudere AutoCAD-versies moet je de grenzende lijn expliciet selecteren vóór je de te knippen lijn aanklikt.

Fout 3: JOIN slaagt niet

Probleem:

Je probeert twee lijnen samen te voegen maar AutoCAD meldt dat de samenvoeging mislukt is.

Gevolg:

De lijnen blijven twee aparte segmenten.

Oplossing:

Controleer of de lijnen werkelijk collineair zijn (op dezelfde as liggen) en exact aansluitend. Gebruik DIST om na te meten of er een tussenruimte is. Controleer of de Z-coördinaten gelijk zijn — in 3D-tekeningen liggen lijnen vaak op verschillende hoogtes.

Fout 4: FILLET of CHAMFER doet niets

Probleem:

Je klikt twee lijnen aan maar er verschijnt geen afronding of afschuining.

Gevolg:

De hoek blijft ongewijzigd.

Oplossing:

Controleer of de radius (FILLET) of de afstand (CHAMFER) correct ingesteld is via optie R of D. Controleer ook of de lijnen parallel lopen — parallelle lijnen kunnen niet worden afgerond. Soms staat de radius nog op 0 van een vorige bewerking: stel hem opnieuw in.

Fout 5: MIRROR geeft spiegelschrift

Probleem:

Na het spiegelen staat tekst achterstevoren.

Gevolg:

Tekst is onleesbaar in de gespiegelde versie.

Oplossing:

Stel de variabele MIRRTEXT in op 0. Typ MIRRTEXT in de commandoregel en geef de waarde 0 op. Alle toekomstige spiegelingen bewaren de tekst in de leesbare richting.

Fout 6: OFFSET op verkeerde laag

Probleem:

De offsetkopie staat op de laag van de bronlijn, niet op de laag waar je mee wil werken.

Gevolg:

Je moet de kopie achteraf naar de juiste laag verplaatsen.

Oplossing:

Gebruik bij OFFSET de optie L (Layer) en kies ‘Current’ om de kopie automatisch op de actieve laag te plaatsen. Activeer de doellaag vóór je OFFSET uitvoert.

Veelgestelde Vragen: Quick Reference

Q: Wat is de sneltoets voor kopiëren in AutoCAD?

A: CO (COPY). Selecteer, rechtermuisklik, kies basispunt, klik doelpunt. Herhaal voor meerdere kopieën. Escape om te stoppen.

Q: Wat is de sneltoets voor trimmen in AutoCAD?

A: TR (TRIM). In AutoCAD 2021+: klik direct de te verwijderen stukken aan. In oudere versies: selecteer eerst de grenzende lijn, rechtermuisklik, klik daarna de te knippen stukken aan.

Q: Hoe maak ik een parallelle kopie in AutoCAD?

A: O (OFFSET). Geef de gewenste afstand op, klik de bronnlijn aan, klik aan de kant waar de kopie moet komen.

Q: Hoe voeg ik twee AutoCAD-lijnen samen tot één lijn?

A: J (JOIN). Klik de twee lijnen aan en druk Enter. Voorwaarde: lijnen moeten op dezelfde as liggen (collineair). Controleer het resultaat in de commandogeschiedenis.

Q: Hoe zet ik spiegelschrift recht in AutoCAD?

A: Typ MIRRTEXT in de commandoregel en stel de waarde in op 0. Tekst wordt daarna niet meer gespiegeld bij het MIRROR-commando.

Over Deze AutoCAD Tip

Bron: ECT Trainingscentrum Belgium

Auteur: ECT AutoCAD Trainers 

Organisatie: ECT BVBA — IT Training sinds 1998

Expertise: 30+ jaar AutoCAD opleidingen voor Belgische bedrijven en overheidsinstanties

Verificatie: Getest in AutoCAD 2024, 2022 en 2019 op Windows 10/11

Laatst bijgewerkt: 1 maart 2026

Moeilijkheidsgraad: Basis

Citeer deze pagina:

ECT Trainingscentrum. (2026). “AutoCAD Bewerkcommando’s: 16 Essentiële Modify-Functies Uitgelegd.” ECT AutoCAD Tips. Geraadpleegd van https://www.cursus-autocad.be/tips/autocad-enkele-basis-modificatiecommandos-toegelicht/

Wil je alle bewerkcommando’s professioneel leren? Bekijk onze Cursus AutoCAD 2D Basis of Cursus AutoCAD 2D Gevorderd voor uitgebreide training met praktijkoefeningen en certificaat.

Heb je vragen over deze tip? Neem contact op via 03/239.54.67 of via de contactpagina.

AutoCAD-opleidingen

Cursus AutoCAD 2D Basis: Van Nul naar Professioneel Tekenen

€595,00
2 Days Beginner
Ontdek de fundamentele vaardigheden van AutoCAD 2D met onze gerenommeerde training. Leer essentiële aspecten zoals tekenen en dimensioneren. Word een deskundige in AutoCAD en vergroot...

Cursus AutoCAD 2D Gevorderd: Sneller en Professioneler Tekenen

€595,00
2 Days Expert
Breid je kennis van AutoCAD 2D uit met onze geavanceerde cursus. Verken complexe technieken en automatiseer taken voor een verbeterde workflow. Word een zeer gewilde...

Cursus AutoCAD 3D: Van 2D naar Professioneel 3D Modelleren

€595,00
2 Days Expert
Betreed de wereld van 3D-modellering met onze hoog aangeschreven AutoCAD 3D-training. Ontwikkel realistische 3D-ontwerpen en versterk je carrièrevooruitzichten. Meld je vandaag nog aan en begin...