Hoe Gebruik je Geometrische Constraints in AutoCAD? Volledige Uitleg (deel 1)
Wil je slimmer tekenen in AutoCAD door relaties tussen objecten vast te leggen? Met geometrische constraints definieer je logische regels die bepalen hoe objecten zich gedragen, zoals evenwijdig, haaks of gespiegeld. In deze gratis handleiding leer je alle 12 constrainttypes gebruiken, hoe je Auto Constraints inzet om automatisch constraints toe te passen en hoe je symbolen weergeeft of verbergt. Ideaal voor technici, architecten en iedereen die foutloos en efficiënt wil tekenen. Geen cursus nodig, je kunt dit meteen zelf toepassen.
✓ Gratis AutoCAD tip • Geen cursus vereist • Direct toepasbaar
Voor wie dit is: Deze handleiding is geschikt voor AutoCAD-gebruikers die de basisbewerkingen kennen en slimmere, parametrische tekeningen willen opzetten. Tijdsduur: 15 minuten.
Wil je constraints en parametrisch tekenen professioneel leren toepassen? Ontdek onze cursus AutoCAD 2D Gevorderd.
Hoe Gebruik je Geometrische Constraints in AutoCAD?
Geometrische constraints in AutoCAD leg je in via Parametric → Geometric. Je kiest een constraintstype (bijv. Coincident, Parallel of Symmetric), selecteert de objecten en AutoCAD past de geometrie automatisch aan. Constraints leggen relaties tussen objecten vast zodat je tekening logisch blijft bij aanpassingen. Beschikbaar vanaf AutoCAD 2010.
Hieronder vind je de gedetailleerde stap-voor-stap uitleg met alle instellingen.
Belangrijkste Punten
- Geometrische constraints vind je via Parametric → Geometric in het AutoCAD lint
- 12 constraintstypes: Coincident, Collinear, Concentric, Fix, Parallel, Perpendicular, Horizontal, Vertical, Tangent, Smooth, Symmetric en Equal
- Constraints zijn beschikbaar vanaf AutoCAD 2010, ook in AutoCAD LT
- Auto Constraints voegt automatisch constraints toe op basis van de positie van objecten
- Verwijder een constraints via rechtermuisklik op het constraint-symbool → Delete
- Combineer met dimensionele constraints (deel 2) voor volledig parametrische tekeningen
Moeilijkheidsgraad: Gemiddeld (15 minuten om te leren)
Vereiste AutoCAD versie: AutoCAD 2010 of nieuwer
Alternatieve methode: Dimensionele constraints instellen via Parametric → Dimensional (zie deel 2)
Geometrische Constraints in AutoCAD: De Volledige Uitleg
Laatst geverifieerd: mei 2026
Getest in: AutoCAD 2024, AutoCAD 2021 en AutoCAD LT
Platform: Windows 10/11
Stap 1: Open de geometrische constraints
Navigeer in AutoCAD naar het tabblad Parametric → Geometric.
Beschikbaar vanaf AutoCAD 2010. Je vindt hier alle 12 constraintstypes: Coincident, Collinear, Concentric, Fix, Parallel, Perpendicular, Horizontal, Vertical, Tangent, Smooth, Symmetric en Equal, plus Auto Constraints.
Stap 2: Coincident constraints: punt op punt of punt op lijn
Met Coincident laat je een punt aansluiten op een ander punt of op een lijn.
Teken 2 lijnen die niet op elkaar aansluiten. Activeer Coincident en klik op een eindpunt of middelpunt van de eerste lijn. Klik daarna op een eindpunt of middelpunt van de tweede lijn. De tweede lijn schuift zodat de punten samenvallen.
Optie O: Kies deze optie om in de plaats van een punt de volledige lijn tussen twee punten aan te wijzen.
Stap 3: Collinear constraints: lijn in verlengde van andere lijn
Met Collinear leg je een lijn in het verlengde van een andere lijn.
Teken 2 lijnen die niet op dezelfde as liggen. Activeer Collinear en kies de twee lijnen. De tweede lijn past zijn richting aan aan de eerste lijn zodat ze op dezelfde as liggen.
Optie M: Selecteer meerdere objecten in één keer.
Stap 4: Concentric constraints: gedeeld middelpunt voor cirkels
Met Concentric laat je twee cirkelvormige objecten (cirkels of bogen) hetzelfde middelpunt delen.
Teken 2 cirkels waarvan de middelpunten niet op dezelfde plaats liggen. Activeer Concentric en kies de twee cirkelvormige objecten. De tweede cirkel verschuift zodat het middelpunt samenvalt met dat van de eerste.
Stap 5: Fix constraints: punt of lijn vastzetten op positie
Met Fix zet je een punt of lijn vast op zijn huidige positie. Het object kan niet meer verschuiven.
Klik op de lijn of het punt dat je wil vastzetten. Het Fix-symbool verschijnt.
Optie O: Leg een volledig object vast in plaats van alleen een punt.
Stap 6: Parallel constraints: twee lijnen evenwijdig
Met Parallel leg je twee lijnstukken evenwijdig aan elkaar.
Klik op twee lijnstukken. De tweede lijn past zijn richting aan aan de eerste zodat ze evenwijdig lopen.
Stap 7: Perpendicular constraints: twee lijnen haaks
Met Perpendicular leg je twee lijnstukken haaks op elkaar (90 graden).
Klik op twee lijnstukken. De tweede lijn past zijn richting aan aan de eerste zodat ze haaks staan.
Stap 8: Horizontal constraints: lijn horizontaal leggen
Met Horizontal leg je een lijn of twee punten op dezelfde Y-coördinaat.
Selecteer de lijn die je horizontaal wil leggen. Let op: je kunt kiezen tussen het linker- en het rechtereindpunt als ankerpunt, wat een ander resultaat geeft.
Optie 2P: Wijs twee punten aan (bijv. twee middelpunten van cirkels of twee eindpunten). Het tweede punt past zich aan aan het eerste.
Stap 9: Vertical constraints: lijn verticaal leggen
Met Vertical leg je een lijn of twee punten op dezelfde X-coördinaat.
Selecteer de lijn die je verticaal wil leggen. Let op: je kunt kiezen tussen het linker- en het rechtereindpunt als ankerpunt, wat een ander resultaat geeft.
Optie 2P: Wijs twee punten aan (bijv. twee middelpunten van cirkels of twee eindpunten). Het tweede punt past zich aan aan het eerste.
Stap 10: Tangent constraints: vloeiende aansluiting cirkel op lijn
Met Tangent laat je een cirkelvormig object tangentieel aansluiten op een rechtlijnig of ander cirkelvormig object. Tangentieel betekent een vloeiende overgang zonder hoek.
Selecteer twee objecten. Het laatst gekozen object past zich aan aan het eerst gekozen object.
Stap 11: Smooth constraints: twee curves vloeiend verbinden
Met Smooth sluit je twee curves op elkaar aan met een vloeiende overgang (G2-continuiteit). Dit gaat verder dan Tangent en zorgt voor een perfecte vlakke aansluiting.
Stap 12: Symmetric constraints: gespiegelde geometrie
Met Symmetric plaats je twee lijnen of punten gespiegeld ten opzichte van een gekozen spiegellijn.
Selecteer de eerste curve, daarna de tweede curve en kies de spiegellijn. De tweede gekozen lijn past zich aan aan de eerste.
Optie 2P: Leg twee punten gespiegeld ten opzichte van de spiegellijn.
Stap 13: Equal constraints: objecten gelijke afmetingen geven
Met Equal geef je twee objecten dezelfde lengte of straal.
Selecteer de eerste lijn, daarna de tweede lijn. De tweede lijn past zijn lengte aan aan de eerste. Als je achteraf de lengte van de eerste lijn verandert, past de tweede zich automatisch aan.
Optie M: Selecteer meerdere objecten in één keer.
Stap 14: Auto Constraints: automatisch constraints toepassen
Met Auto Constraints selecteer je objecten en voegt AutoCAD automatisch constraints toe op basis van de positie van de objecten en de relaties ertussen.
Activeer Auto Constraints via Parametric → Geometric → Auto Constraints. Selecteer de gewenste geometrie en bevestig met rechtermuisklik.
Optie S: In het instellingenkader kies je welke constraintstypes al dan niet automatisch worden toegepast. Je kunt ook de volgorde aanpassen via de knoppen Move Down en Move Up.
Stap 15: Constraints-symbolen weergeven en verbergen
Constraints-symbolen kun je per selectie of voor de hele tekening tonen of verbergen:
Weergeven per selectie: Klik op Show/Hide Constraints, selecteer de geometrie en bevestig met rechtermuisklik. De symbolen van toepassing op de geselecteerde objecten worden weergegeven.
Alles weergeven: Klik op Show All om alle constraints-symbolen in de tekening zichtbaar te maken.
Alles verbergen: Klik op Hide All om alle constraints-symbolen te verbergen. De constraints blijven actief maar zijn niet langer zichtbaar.
Vraag: Hoe gebruik je geometrische constraints in AutoCAD?
Antwoord: Ga naar het tabblad Parametric en kies Geometric. Selecteer het constrainttype dat je wil toepassen (bijv. Coincident, Parallel of Symmetric), klik op de objecten en AutoCAD past de geometrie automatisch aan. Constraints zijn beschikbaar vanaf AutoCAD 2010, ook in AutoCAD LT. Verwijder een constraints via rechtermuisklik op het symbool en kies Delete.
Vraag: Wat is het verschil tussen Tangent en Smooth in AutoCAD?
Antwoord: Tangent zorgt voor een vloeiende aansluiting (G1-continuiteit) waarbij twee objecten dezelfde raaklijn delen op het aansluitpunt. Smooth gaat verder met G2-continuiteit: ook de kromming is gelijk aan beide zijden van het aansluitpunt. Smooth geeft een optisch perfectere overgang bij vormgeving en productontwerp.
Vraag: Hoe werkt Auto Constraints in AutoCAD en welke constraints worden automatisch toegepast?
Antwoord: Auto Constrain analyseert de positie van geselecteerde objecten en voegt automatisch constraints toe op basis van hun relaties. Welke types worden toegepast is instelbaar via optie S in het instellingenkader. Je kiest zelf welke constrainttypes actief zijn en in welke volgorde AutoCAD ze controleert. Ideaal voor bestaande tekeningen die je snel parametrisch wil maken.
Praktijkvoorbeelden: Wanneer gebruik je geometrische constraints in AutoCAD?
Geometrische constraints zijn bijzonder waardevol als je tekeningen maakt die intern consistent moeten blijven bij aanpassingen.
Voor constructeurs en machinebouwers:
- Bevestigingsgaten parallel en haaks houden ten opzichte van basisprofielen
- Symmetrische onderdelen definiëren via één helft en Symmetric constraints
- Cirkelvormige boringen concentrisch houden bij aanpassen van buitendiameters
- Profielen in verlengde van elkaar leggen via Collinear zonder manueel uitlijnen
Voor architecten en interieurontwerpers:
- Gevelelementen horizontaal en verticaal vastzetten na plaatsing
- Ramen of deuren in een wand symmetrisch houden via Symmetric constraints
- Kolommen in verlengde van structuurlijnen houden via Collinear
Voor ingenieurs en ontwerpers:
- Tangentconstraints toepassen voor vloeiende overgangen in nokkencurven
- Equal constraints gebruiken voor uniforme roosterverdeling
- Fix constraint inzetten om referentiepunten te verankeren
Voor projectmanagers en technische tekenaars:
- Auto Constraints op bestaande tekeningen om snel parametrisch te worden
- Constraints als kwaliteitscontrolemiddel: tekening klopt altijd geometrisch
Tip: Combineer geometrische constraints (dit deel) met dimensionele constraints (deel 2) voor volledig parametrische tekeningen.
Geavanceerde technieken: Geometrische Constraints in AutoCAD
Constraints combineren voor volledig bepaalde tekeningen
Een tekening is volledig bepaald als alle vrijheidsgraden zijn vastgelegd. Combineer geometrische constraints (Parallel, Perpendicular, Symmetric, …) met een Fix constraints voor het referentiepunt en dimensionele constraints (deel 2) voor de afmetingen. AutoCAD geeft een melding als een tekening over-constrained is.
Auto Constraints als startpunt voor bestaande tekeningen
Gebruik Auto Constraints op een bestaande tekening als eerste stap naar parametrisch tekenen. AutoCAD detecteert bestaande geometrische relaties en voegt de bijbehorende constraints toe. Controleer achteraf welke constraints zijn toegevoegd via het paneel Show/Hide Constraints.
Constraint-instellingen aanpassen via S-optie
Bij Auto Constraints (optie S) stel je in welke constrainttypes AutoCAD mag toepassen en in welke volgorde. Voor productieonderdelen is het nuttig om Coincident, Parallel en Perpendicular hoog te prioriteren en minder gebruikte types zoals Smooth te deactiveren.
Constraints en blokken
Let op: constraints die je aanbrengt in een blokdefinitie zijn alleen actief binnen dat blok. Constraints buiten een blok gelden niet voor de geometrie binnen het blok.
Wil je constraints en parametrisch tekenen professioneel leren toepassen? In onze cursus AutoCAD 2D Gevorderd behandelen we geometrische en dimensionele constraints als volwaardig onderdeel.
Veelgemaakte Fouten en Hoe je Ze Voorkomt
Fout 1: Tekening gedraagt zich onverwacht na toepassen van constraints
Probleem: Na het toepassen van constraints verschuiven objecten op een onverwachte manier.
Oplossing: Constraints passen het tweede gekozen object aan aan het eerste. Let op de volgorde van selectie. Gebruik een Fix constraints op het referentieobject om te bepalen wat vast blijft.
Fout 2: Foutmelding Over-Constrained
Probleem: AutoCAD geeft aan dat de tekening over-constrained is na het toepassen van een constraints.
Oplossing: Er zijn tegenstrijdige constraints. Verwijder de conflicterende constraints via rechtermuisklik → Delete op het constraints-symbool. Gebruik Show All om alle constraints zichtbaar te maken en de conflicten te identificeren.
Fout 3: Constraints-symbolen zijn niet zichtbaar
Probleem: Na het toepassen van een constraints is het symbool niet te zien.
Oplossing: Klik op Show All via Parametric → Geometric → Show All. Of typ CONSTRAINTBAR in de commandoregel en druk op Enter.
Fout 4: Auto Constraints voegt te weinig of te veel constraints toe
Probleem: Auto Constraints detecteert niet de gewenste relaties.
Oplossing: Gebruik optie S om te kiezen welke constraintstypes actief zijn. Zorg ook dat de geometrie nauwkeurig getekend is: objecten moeten bijna exact de gewenste positie hebben voor Auto Constraints ze detecteert.
Fout 5: Constraints werken niet in blokken
Probleem: Constraints buiten een blok hebben geen effect op de geometrie binnen het blok.
Oplossing: Open de blokdefinitie via BEWERKEBLOK (BEDIT) en breng de constraints aan binnen de blokdefinitie zelf.
Veelgestelde Vragen: Quick Reference
Q: Waar vind ik de geometrische constraints in AutoCAD?
A: In het tabblad Parametric → Geometric. Beschikbaar vanaf AutoCAD 2010, ook in AutoCAD LT.
Q: Wat is het verschil tussen Coincident en Collinear?
A: Coincident verbindt een punt van het ene object met een punt of lijn van het andere object. Collinear legt twee lijnstukken op dezelfde rechte lijn (in elkaars verlengde).
Q: Hoe verwijder ik een constraints in AutoCAD?
A: Klik met de rechtermuisknop op het constraints-symbool in de tekening en kies Delete. Of selecteer het object en druk Delete in het Constraints-paneel.
Q: Welk constraintstype gebruik ik voor cirkels op hetzelfde middelpunt?
A: Gebruik Concentric. Selecteer de twee cirkels of bogen en AutoCAD legt het middelpunt gelijk.
Q: Hoe zorg ik dat mijn tekening volledig bepaald is (fully constrained)?
A: Combineer geometrische constraints voor de vorm en richting met een Fix constraints voor het referentiepunt en dimensionele constraints (Parametric → Dimensional) voor de afmetingen. AutoCAD geeft een melding als de tekening volledig is of als er te veel constraints zijn.
Gerelateerde AutoCAD Tips
Wil je meer uit AutoCAD halen? Bekijk ook deze handige tips:
Parametrisch tekenen (deze reeks):
Externe bestanden en bestandsbeheer:
- Naar andere tekeningbestanden verwijzen (deel 1)
- Naar andere tekeningbestanden verwijzen (deel 2)
- Naar andere tekeningbestanden verwijzen (deel 3)
- Naar andere tekeningbestanden verwijzen (deel 4)
- XREF: tekeningen linken
Lagen en objectbeheer:
- Selecties maken op basis van eigenschappen
- Haal meer informatie uit je tekening met Polylines
- Oppervlak m² aan een tekening toevoegen
Productiviteit en sjablonen:
- Een eigen template maken in AutoCAD
- Werken met coördinatensysteem
- In 7 klikken alle maattekst leesbaar
Relevante cursussen:
- Cursus AutoCAD 2D Basis: leer alle fundamenten van AutoCAD
- Cursus AutoCAD 2D Gevorderd: voor professionals, inclusief parametrisch tekenen
- Cursus AutoCAD 3D: ruimtelijk tekenen en modelleren
Bekijk al onze AutoCAD tips voor meer handleidingen.
Over Deze AutoCAD Tip
Bron: ECT BV
Auteur: ECT AutoCAD Trainers
Organisatie: ECT BV IT Training sinds 1998
Expertise: meer dan 25 jaar AutoCAD opleidingen voor Belgische bedrijven en overheidsinstanties
Verificatie: Getest in AutoCAD 2024, AutoCAD 2021 en AutoCAD LT
Laatst bijgewerkt: mei 2026
Moeilijkheidsgraad: Gemiddeld
Citeer deze pagina:
ECT BV. (2026). ‘Hoe Gebruik je Geometrische Constraints in AutoCAD?’ ECT AutoCAD Tips. Geraadpleegd van https://www.cursus-autocad.be/tips/autocad-parametrisch-tekenen-deel-1-constraints/
Wil je constraints en parametrisch tekenen professioneel leren toepassen? Bekijk onze cursus AutoCAD 2D Gevorderd voor uitgebreide training met praktijkoefeningen.
Heb je vragen over deze tip? Neem contact op via +32 3 239 54 67 of via contact@cursus-autocad.be
